Toen mijn dochter werd geboren, werd ik ook geboren
En dat was veel minder romantisch dan het klinkt.
Ik dacht dat er iets in mij wakker zou worden op het moment dat ze op mijn borst lag. Dat moederinstinct waar iedereen het over heeft en dat je het gewoon weet. Dat je vanzelf weet hoe je haar moet vasthouden, wat ze nodig heeft, wie jij nu bent als moeder.
Spoiler: dat instinct verscheen niet. Daarvoor in de plaats voelde ik oneindige liefde, stoten adrenaline waardoor ik niet kon slapen, eenzaamheid en verwarring. En dat uitte zich in een soort stille langzame paniek dat ik blijkbaar de enige moeder ter wereld was bij wie het niet vanzelf ging.
Er was een woord voor wat er met mij gebeurde. Ik wist het alleen nog niet.
Matrescence. De term stamt uit de jaren zeventig, bedacht door antropologe Dana Raphael. Maar pas jaren later was het de psychologe Aurelie Athan die het concept verder uitwerkte: matrescence (in het Nederlands Matrescentie) is de psychologische, hormonale, neurologische en sociale transformatie die vrouwen doormaken als ze moeder worden. Je wordt niet moeder op de dag van de bevalling. Je wordt het langzaam, door mee te bewegen met de dalen en de pieken. Stap voor stap leer je je baby kennen en leer je wie jij bent als moeder, naast alle andere rollen die je in je leven vervult.
Wat er in dat proces met je gebeurt gaat veel verder dan slapeloosheid en hormonale schommelingen, al helpen die zeker ook niet mee. De Nederlandse neurowetenschapper Elseline Hoekzema liet in 2017 zien, gepubliceerd in Nature Neuroscience, dat zwangerschap leidt tot meetbare verandering in de grijze stof in hersengebieden rondom sociale cognitie en empathie, en die veranderingen zijn nog jaren later zichtbaar. Je brein past zich letterlijk aan aan wie je nu bent. En dan is er nog iets wat niet in de scans zit: je identiteit wordt door elkaar geschud.
Het voelde als verlies. Maar het was iets anders.
Wat ik mezelf hoorde zeggen in die eerste maanden: ik ben mezelf kwijt. Dat herken ik nu bij bijna elke vrouw die ik spreek. Die stille rouw om wie je was. De vrouw met plannen, met een mening, met een leven dat ergens naartoe ging. Die leek weg.
Maar ze was niet weg. Ze was aan het veranderen. Want wat er eigenlijk gebeurde: vragen die de jaren ervoor allemaal duidelijk leken, kwamen nu ineens weer boven. Wie ben ik als ik niet aan het werk ben? Wat zijn mijn ambities, los van mijn cv? Welke waarden vind ik echt belangrijk? Wat voor wereld wil ik achterlaten? En welke dingen uit mijn eigen opvoeding wil ik doorgeven, en welke juist niet? Moeder worden dwingt je om bij al die vragen stil te staan.
Dat noem ik geen identiteitsverlies. Dat is identiteitsverdieping. Pijnlijk, desoriënterend, soms echt niet leuk. Maar ook een kans om jezelf op een manier te kennen die je nergens anders had opgedaan.
Wat ik leerde, en wat jij misschien herkent
De tijd waarin ik niet wist wie ik was, was eenzaam, en ik had willen weten dat er niets mis met mij was. Achteraf waren het de maanden dat er iets wezenlijks aan het verschuiven was. Als je dat weet, kun je er net iets anders in staan, en met meer compassie voor jezelf.
Er wordt veel gezegd over "jezelf terugvinden na de bevalling." Maar misschien is dat niet de vraag. Misschien is de vraag wie je nu wil zijn, met alles wat je nu weet. En misschien is het ook gewoon eerlijk om te zeggen: de identiteitstransformatie waar bijna iedere moeder doorheen gaat, krijgt nauwelijks aandacht. Daardoor denken veel vrouwen dat ze een probleem hebben, terwijl ze een proces doormaken.
Wat je vandaag kunt doen
Vragen om niet nu te beantwoorden, maar om af en toe bij je te laten landen. Wat laat ik achter nu ik moeder ben? Is dat tijdelijk of voorgoed? Mag ik daar rouw over voelen? En wat vormt mij nu? Welke nieuwe inzichten, welke nieuwe versie van mezelf? Waarvoor ben ik dankbaar? Waar baal ik van?
Alles mag er zijn.
0 reacties
Reacties worden eerst bekeken voordat ze zichtbaar zijn.
Laat een reactie achter
Je reactie wordt eerst bekeken voordat hij zichtbaar is.
Er zijn nog geen reacties zichtbaar.